Voortgang

integrale aanpak wijkveiligheid
Samen met partners, bewoners en ondernemers werkt het college de volgende vier jaar aan het minimaal handhaven van het huidige veiligheidsniveau en versterking daar waar het nodig is.

Veiligheidsbeleving
In januari 2014 heeft de gemeenteraad de motie Rotterdam subjectief net zo veilig als objectief aangenomen. Daarin vroeg de gemeenteraad het college om een brede consultatie over veiligheidsbeleving. In 2014 is gestart met een onderzoek naar de oorzaken van het verschil tussen de objectieve en subjectieve veiligheid. In 2015 kregen deze onderzoeken een vervolg met gesprekken in alle gebieden met bewoners en professionals, vijf pilots, een onderzoek naar de impact van de uitzendingen van Bureau Rijnmond en een internationaal congres in december.
Marnix Eysink Smeets, lector aan Hogeschool INholland en gespecialiseerd in veiligheidsbeleving, heeft een uitgebreide literatuurstudie gedaan naar de ontwikkelingen in binnen- en buitenland en in Rotterdam.
Uit alle onderzoeken en gesprekken blijkt dat het aantal factoren dat het gevoel van veiligheid beïnvloedt groot en zeer divers is. Niet alleen criminaliteit is van invloed, maar ook persoonlijke factoren als geslacht, leeftijd, gezondheid, en zo meer, de kwaliteit van de buitenruimte, het contact met overheidsinstanties en berichtgeving in de media. Alle onderzoeken en pilots hebben een rijke oogst opgeleverd van resultaten, inzichten en aanbevelingen. De rapportages zijn te vinden op www.Rotterdam.nl/veiligheidsbeleving.

Tussendijken
In het kader van de blok-voor-blok benadering is de aanpak bezig bij het derde blok van het totaal van vijf in Tussendijken. In deze drie blokken zijn ongeveer 50% van de huishoudens met een huisbezoek bereikt. Per blok vindt maatwerk plaats in de te nemen maatregelen. In elk blok worden de mensen in de Wet Werk en bijstand (bbw'ers) opgeroepen om een tegenprestatie te doen. Reeds 250 wwb'ers uit Tussendijken zijn opgeroepen en in traject geplaatst. Het plan van aanpak Schiedamseweg is samen met de ondernemers opgesteld en komt de komende twee jaar tot uitvoering. De methodiek Intensief beheer is uitgebreid naar de Mathenesserweg vanwege een aantal schietpartijen en vastgoedgerelateerde problemen. Twee groepsaanpakken jeugd zijn in uitvoering en het aantal woninginbraken is aanzienlijk teruggebracht. Er is een projectleider ondermijning aangesteld en deze richt zich op de meest dubieuze en overlastgevende ondernemingen.

Alliantie Middelland
Ons college heeft in 2015 het Plan van Aanpak Verdunning Maatschappelijke Opvangvoorzieningen 's-Gravendijkwal en omstreken aangeboden aan de gebiedscommissies Centrum en Delfshaven. Het advies van deze gebiedscommissies is eind juni ontvangen en inmiddels zijn onderdelen verder uitgewerkt, waarmee het plan nu in zijn definitieve vorm heeft gekregen.
Uit gesprekken met instellingen blijkt dat het veld in beweging is en dat er in sommige gevallen
een kans bestaat op verplaatsing. Bij andere instellingen is er een bereidheid om met de
gemeente mee te denken over verplaatsing,

Veiligheidsloket
Het Veiligheidsloket Rotterdam (VLR) is sinds 2004 een centrale voorziening binnen de Directie Veiligheid voor publieksreacties. Het Veiligheidsloket behandelt klachten, klaagschriften, suggesties, vragen en complimenten op het gebied van openbare orde en veiligheid. Het VLR verzorgt de beantwoording en bewaakt de tijdigheid en kwaliteit van de antwoorden. Het aantal meldingen is sinds de opheffing van de deelgemeenten sterk gestegen. Behandelde het VLR in 2004 nog 231 meldingen en in 2013 956, in 2015 waren dit er 3.391. Ondanks deze sterke toename weet het VLR gemiddeld genomen nog altijd ver binnen de gemeentelijke servicenorm te antwoorden. De gemiddelde behandeltijd door het VLR bedraagt negen dagen. De meeste publieksreacties gaan over woonoverlast, de algemene veiligheid in de buurt en meldingen overlast door horeca of evenementen. In 2015 werden ook veel meldingen over vluchtelingen behandeld en ontvangen, vooral via het mailadres van de burgemeester.

Programma woonoverlast
Personen die structureel het woonplezier van anderen verpesten, worden harder aangepakt. De gemeente accepteert niet dat slachtoffers van woonoverlast verhuizen, terwijl de daders blijven zitten. In maart 2015 is het Actieplan Woonoverlast 2015-2019 vastgesteld.  Als sluitstuk van de aanpak woonoverlast realiseren het college de Skaeve Huse

Hotspotaanpak Jeugdoverlast
Met het programma Stok achter de deur 2015-2018 is de aanpak van jeugdoverlast en jeugdcriminaliteit aangescherpt en geïntensiveerd. Onderdeel is waaronder de verdubbeling van het aantal jeugdhandhavers op hotspots van Jeugdoverlast.
In het Nieuwe Rotterdamse Jeugdstelsel (NRJ) hebben de wijkteams een rol gekregen in de aanpak van overlastgevende en criminele jongeren. Hierdoor is een nieuwe samenwerking tussen het veiligheidsdomein en het sociale domein ontstaan.

Veiligheid Openbaar vervoer
Het aantal ov-surveillanten in de metro in de avonduren is in 2015 verder uitgebreid. Er zijn meer OV-surveillanten ingezet op het traject Coolhaven -Voorschoterlaan van donderdag tot en met  zaterdag van 17:00 uur tot het einde van de dienst. Het aantal ov-surveillanten in de metro in de avonduren wordt in 2016 en 2017 verder uitgebreid.  

Verder komt er een pilotjaar voor het mogen opleggen van een OV-verbod op tramlijnen.

Aanpakken asociaal en roekeloos rijgedrag
Vanuit de afdeling Verkeer & Vervoer is er een integraal Meerjarenplan Verkeersveiligheid ontwikkeld. Deze is in februari 2016 definitief vastgesteld.

Een onderdeel van het (integraal) Meerjarenplan Verkeersveiligheid is het 10-puntenplan tegen asociaal verkeersgedrag. Dit is gepresenteerd op 8 oktober 2015. Het 10-puntenplan bestaat uit tien acties, zoals de roadshow die heeft plaats gevonden in juli en november en de ‘“hufterfuik’” die plaats heeft gevonden op 8 oktober 2015. In de periode september en medio december heeft de landelijke campagne ‘Aandacht op de weg’ plaatsgevonden, waarmee 500 jongeren zijn bereikt.

High Impact Crimes
De HIT-aanpak wordt voortdurend geëvalueerd en aangescherpt. Onlangs is op basis van deze ontwikkelcyclus de aanpak van woninginbrekers geïntensiveerd. De intensivering houdt in dat de ketenpartners bij aanhouding van een woninginbreker zo snel mogelijk contextinformatie over de verdachte en zijn omgeving toevoegen aan het dossier. Hiermee kunnen de officier van justitie, Reclassering en de Raad van de Kinderbescherming hun rol beter en effectiever vervullen. Op deze manier zal de strafrechtelijke afdoening meer recht doen aan verdachte, slachtoffer en samenleving.
Begin 2015 is het effect van de HIT-aanpak voor het eerst geëvalueerd. Uit de evaluatie blijkt dat de gemeenschappelijke inzet van de ketenpartners vruchten afwerpt. Gekeken is naar de personen die in 2012 in de HIT-aanpak zijn ingestroomd. In dit onderzoek zijn data geanalyseerd van deze groep, gemeten over twee jaar vóór instroom en twee jaar na instroom in de aanpak. In een raadsbrief van april 2015 is de gemeenteraad geïnformeerd over de belangrijkste conclusie dat na de start van de HIT-aanpak in het Veiligheidshuis de recidive van deze groep op een HIC-feit daalde van 51% naar 34%.
Niet alleen het aantal personen dat in herhaling valt daalt, ook het gemiddelde aantal delicten zoals die door de politie geregistreerd wordt, daalt nadat iemand is ingestroomd in de HIT-aanpak. Voor de start van deze persoonsgerichte aanpak worden gemiddeld 1,7 HIC-delicten gepleegd. Na instroom in deze aanpak is dit gedaald naar 0,5. Voor de niet-HIC-delicten gaat het om gemiddeld 5,4 delicten voor de start van de persoonsgerichte aanpak en 2,8 na instroom in de aanpak.

Een aantal plegers van HIC-delicten lijkt ongevoelig voor celstraffen en is ongemotiveerd voor reguliere werk- en leertrajecten. Voor deze doelgroep loopt sinds april 2015 een nieuwe interventie: Schoon Schip. Het doel is voorkoming van recidive en vermindering van de overlast in de wijk.

Inzet wordt verder gepleegd op terugdringing van woninginbraken door een integrale en informatiegestuurde aanpak van inbraken in de aangewezen hotspot-gebieden. Terugdringing van het aantal woninginbraken heeft een eigen aanpak waarbij de nadruk ligt op preventie. Bewoners van veertien wijken zijn huis-aan-huis geïnformeerd over preventieve maatregelen die zij kunnen treffen om inbraken te voorkomen.
De preventieve aanpak van woninginbraken is uitgebreid met twee onderdelen.

  • Inzet van een buurttent als er in een (focus)wijk een golf is aan inbraken. In deze tent kunnen bewoners informatie halen over inbraakpreventie. Tot nog toe heeft de tent acht keer in een wijk gestaan en de reacties van bewoners zijn positief;
  • Inzet van een buurtwhatsapp. Het zijn Whatsapp-groepen die bewoners zelf onderling opzetten, en groepen die de gemeente actief aanbiedt. De groepen vergroten de alertheid van bewoners en helpen om snel informatie uit te wisselen met elkaar en met politie.

Afgelopen half jaar zijn goede resultaten behaald in de strafrechtelijke aanpak. Door de gerichte aanpak, onder andere bestuurlijke sluiting van de panden, van helers wordt het moeilijker gestolen goederen te verkopen. Een betrouwbare opkopersbranche, waarin geen gestolen goederen worden verhandeld, is van groot belang. In dit kader is op 13 oktober 2015 de regionale actiedag Stop Heling gehouden. Handelaren en opkopers zijn op deze dag gecontroleerd. De actie heeft geleid tot inbeslagname van gestolen goederen. Ook heeft de burgemeester veertien ondernemingen bestuurlijk gewaarschuwd vanwege overtreding van de wet- enregelgeving. Tijdens de actie heeft eveneens een aanhouding plaatsgevonden naar aanleiding van een straatroof.
Om meer grip te krijgen op de opkopersbranche is onlangs een meldpunt voor handelaren geactiveerd. Aanmelden als handelaar bij de gemeente is een wettelijke verplichting. Met het meldpunt zijn handelaren beter in beeld en kan gerichter op handelaren worden toegezien. Om handelaren te ontlasten krijgen zij bij hun aanmelding hulp van toezichthouders van Stadsbeheer. Daarnaast ontvangen handelaren bij hun aanmelding informatie over de wet- en regelgeving. Handelaren zijn ook wettelijk verplicht hun goederen te registreren in een register. Hiervoor is er het Landelijk Digitaal Opkopers Register (DOR). Het Rotterdamse meldpunt is als eerste in Nederland digitaal gekoppeld aan het DOR. Zo kunnen handelaren volstaan met zich maar één keer in te schrijven voor hun aanmelding bij zowel het meldpunt als het DOR. Met het meldpunt en het gebruik van het landelijk register werkt de gemeente samen met handelaren aan een gezonde opkopersbranche.

Slachtoffers van overvallen krijgen nazorg, Dit gebeurt kort na de overval en in samenwerking met de politie, de gebiedsorganisatie en Slachtofferhulp Nederland.

Sinds 1 januari 2015 is de Stimuleringsregeling van kracht gegaan met een looptijd van twee jaar. De vijf woningcorporaties en de gemeente investeren jaarlijks € 900.000 per jaar voor inbraakpreventie-maatregelen in vijf hotspot-wijken.     

In het collegeprogramma is toegezegd dat alle actielijnen en maatregelen op het gebied van HIC opgenomen worden in gemeente breed Programma High Impact Crimes dat eind 2014 gepresenteerd zou worden. In nauwe samenwerking met de Stadsmarinier HIC en externe partners is op basis van de lopende aanpak gekomen tot een conceptkader: ‘Volharden, niet verslappen: de aanpak van High Impact Crime’. Het kader bevat de belangrijkste onderdelen van de bestaande aanpak van de Stadsmarinier HIC. Het kader bevat tegelijkertijd een ontwikkelagenda om deze pijlers te versterken. Deze ontwikkelingen gelden voor 2016 en 2017, terwijl het overkoepelende kader van vijf pijlers duurzaam richting geeft.

Ondermijnende criminaliteit
Het afgelopen jaar is de inzet op de aanpak van ondermijnende criminaliteit doorgezet. Samen met de partners binnen het Regionaal Informatie- en Expertisecentrum (RIEC) Rotterdam pakt de gemeente wordt ondermijnende criminaliteit aan, zoals witwassen, drugscriminaliteit en mensenhandel. Dit gebeurt door een gezamenlijke informatiepositie op te bouwen en interventies te bepalen en als één overheid de ondermijnende criminaliteit aan te pakken. In 2015 lag de focus op kwetsbare gebieden, zoals Rotterdam Zuid en de Spaanse Polder. In Rotterdam Zuid is ingezet op het tegengaan van drugscriminaliteit en risicovolle branches. Een succesvolle inzet vraagt om een lange adem. In 2015 is gestart om zoveel mogelijk inzichtelijk te maken wat de impact is van de aanpak langs vier lijnen: het signaleren, voorkomen en aanpakken van ondermijnende criminaliteit en het stimuleren van positieve ontwikkelingen. In het afgelopen jaar is de aanpak goed op gang gekomen. Het loont om een spade dieper te graven. Er worden resultaten geboekt en beter zicht verkregen op de problematiek en achterliggende structuren. Ook zijn wijkgesprekken gestart, waarmee de gemeente laat weten werk te maken van de aanpak van ondermijning. Tijdens de gesprekken staan de zorgen en signalen van bewoners en ondernemers centraal. Deze gesprekken leveren waardevolle informatie op.

Risicogroepen
De jaarlijkse Monitor Rotterdamse Risicogroepen meet de maatschappelijke positie van de verschillende groepen in de stad op het gebied van school, werk en veiligheid. De uitkomsten van de monitor 2015 verschijnt in maart 2016aangeboden. De specifieke aandacht voor risicogroepen van Antilliaanse en Marokkaanse afkomst is destijds foutief in de begroting terechtgekomen; dit is reeds gerectificeerd. De gemeente heeft ingezet op versterking van de samenwerking met de justitiepartners op het gebied van de persoonsgerichte aanpak van voetbalarrestanten. Het netwerk voor de arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa is versterkt. De gemeente heeft grip op de ontwikkelingen op het gebied van overlast en criminaliteit die verband houdt met deze arbeidsmigratie.

Radicalisering
De gemeente Rotterdam is samen met de politie, het OM, de NCTV en veiligheidsdiensten verantwoordelijk voor de integrale aanpak van radicalisering en jihadisme. Naast de strafrechtelijke aanpak zet de gemeente en we bestuurlijke middelen in om de jihadgang te ontmoedigen en de potentiële dreiging te beperken. De gemeente heeft een cruciale rol in de preventieve aanpak en zet in op intensivering van de persoonsgerichte aanpak, versterking van bewustwording en deskundigheidsbevordering in het netwerk in de stad, en op uitbreiding van het Meld- en Adviespunt Radicalisering.

Intensivering van de persoonsgerichte aanpak:

  • Casusoverleg opgezet in Veiligheidshuis Rotterdam
  • 20 vertrouwenspersonen aangesteld
  • Inventarisatie van mogelijke interventies

Versterking van bewustwording en deskundigheidsbevordering bij professionals, maatschappelijke organisaties en sleutelpersonen:

  • Ruim 300 professionals getraind
  • Ruim 600 professionals en vrijwilligers voorgelicht

Wij-samenleving
Het programma WIJ-samenleving is ontstaan na schietpartijen in Parijs bij de redactie van Charlie Hebdo en de gijzeling in een Joodse supermarkt in januari 2015.
In het voorjaar van 2015 ontstond de vraag programmatisch een duurzaam vervolg te geven op de stadsdialogen die kort na genoemde aanslagen in de stad plaatsvonden.
Na de zomer van 2015 lag er een eerste opzet van een programmaplan, inclusief Doel Inspanningen Netwerk (DIN) en SWOT-analyse. Het plan, het DIN en de SWOT zijn met partners in de stad tot stand gekomen.
Inmiddels hebben op het Albeda College dialogen met jongeren plaatsgevonden en zijn diverse dialogen in voorbereiding. Een flink aantal partijen in de stad verbindt zich aan de beweging naar de WIJ-samenleving. Ook diverse gebiedsorganisaties en gebiedscommissies zijn aangesloten.
Zaterdag 12 december 2015 heeft een bijeenkomst met de burgemeester plaatsgevonden, met als thema ‘de bezorgde burger’.

Crisis noodopvang vluchtelingen
In september is de burgemeester benaderd om circa 250 vluchtelingen op te vangen. Binnen twaalf uur werden de vluchtelingen opgevangen op het sportcomplex van de Erasmus Universiteit Rotterdam in Kralingen. Eenzelfde verzoek vond vier weken later plaats. Dit maal was de locatie van de crisisnoodopvang het sportcomplex Schuttersveld in Crooswijk. Gedurende deze twee perioden van  zeven dagen hebben ongeveer 25 Rotterdamse (crisis-)ambtenaren gezorgd voor de opvang, verzorging en andere eerstelijns hulp. Zij deden dat in nauwe samenwerking met andere organisaties, zoals het Rode Kruis en het Leger des Heils. Op beide locaties is gezorgd voor een veilige omgeving, zowel binnen als buiten.

Horeca, handhaving en evenementen
Rotterdam moet een levendige stad blijven met ruimte voor horeca en evenementen. Deze moeten wel veilig zijn en de overlast moet worden beperkt.
Ten aanzien van de horeca- en evenementensector en de drankverkopende middenstand willen we een goed evenwicht bewaren tussen ruimte geven voor ondernemerschap, het verminderen van toezichtlasten en het bevorderen van nalevingsgedrag van ondernemers. Ondernemers die zich aan de regels houden worden als het ware beloond met weinig toezicht. Ondernemers die de regels niet naleven krijgen te maken met meer toezicht en waar nodig handhavende maatregelen.
Daarnaast bouwen we voort aan een veilige én aantrekkelijke stad. In deze stad is altijd wat te beleven en is het goed wonen. Ondernemers, bewoners en bezoekers maken de stad levendig. Horeca is hierin een belangrijke spil, waarbij uitgegaan wordt van vertrouwen en ondernemers gestimuleerd worden te komen met leuke initiatieven en pop-up horeca.
De huidige horecanota biedt hiervoor de ruimte, maar is aan het einde van de looptijd. In 2015 is een Midtermreview van de horecanota aan de raad aangeboden. Eind 2015 is gestart met de eind evaluatie van het horecabeleid. Deze is begin 2016 afgerond. De resultaten hiervan worden aan het eind van het 1e kwartaal 2016 besproken met de raad. De evaluatie heeft duidelijk gemaakt dat de vraag naar maatwerk blijft bestaan. Meer inzet waar het moet, minder waar het kan, gebiedsgerichte aanpak, ruimte voor initiatief. 2016 is het jaar dat het nieuwe horecabeleid vastgesteld moet zijn.
Ten aanzien van de vlonderterassen geldt dat deze na 2014 wederom in 2015 succesvol zijn uitgevoerd na evaluatie van de editie van 2014. Er zijn voor de periode in 2015, 33 vlonder-terrassen vergund.  
Alle evenementen zijn in 2015 veilig en zonder incidenten verlopen. Wel moest helaas het Zomercarnaval door extreme weersomstandigheden worden afgelast.
Het onderzoek of en hoe meer evenementen vergunningsvrij kunnen worden wordt in het voorjaar van 2016 afgerond.