Overhead

Rotterdam berekent sinds 2014 het overheadpercentage conform de definitie van Vensters voor Bedrijfsvoering; een landelijke benchmark waaraan 120 gemeenten deelnemen. Het overheadpercentage voor Rotterdam in 2015 is 30,7%, een lichte daling ten opzicht van 2014 (31,0%). Met het programma Rotterdam in Ontwikkeling wordt ingezet op verdere reductie van de omvang van de bedrijfsvoering vanaf 2016.

Ontwikkeling in overhead (in %)

2010

2011

2012

2013

2014

2015

Overhead 

33,0%

33,0%

35,0%

36,9%

31,0%

30,7%

* Vanaf 2014 wordt de definitie van Vensters voor Bedrijfsvoering gehanteerd

Externe inhuur en uitbestede werkzaamheden
Voor externe inhuur wordt de volgende definitie gehanteerd: “Externe inhuur is het uitvoeren van werkzaamheden in opdracht van een bij de overheid in dienst zijnde opdrachtgever, door een private organisatie met winstoogmerk, middels het tegen betaling inzetten van personele capaciteit en deskundigheid, waarop door de opdrachtgever mede gestuurd wordt.” In onderstaande tabel worden het begrote bedrag en de realisatie over 2015 gepresenteerd.

Externe inhuur (x € 1.000)

Realisatie 2013

Realisatie 2014

Begroting 2015*

Realisatie 2015

Externe inhuur

31703

43058

60943

69415

* Begrotingsstand uit de 10-maands brief

Vanaf 2010 (€ 98 mln) is voor wat betreft de kosten voor externe inhuur een dalende lijn ingezet die zich in 2012 stabiliseerde. Vanaf 2014 is er sprake van een stijgende lijn in de uitgaven voor externe inhuur. In 2015 is er voor € 69 mln extern ingehuurd (10% van de totale loonsom). Dit betekent een stijging ten opzichte van 2014 (10% vs. 6%). Deze ontwikkeling heeft een drietal oorzaken:

  • Er is sprake geweest van additionele inzet op extra taken en inspanningen.
  • Clusters anticiperen op de nieuwe besparingsopdracht uit het coalitieakkoord uitgewerkt in het programma Rotterdam in Ontwikkeling 40, door vacatures niet structureel in te vullen.  
  • Clusters maken strategische keuzen voor de inrichting van een flexibele schil, waardoor de organisatie beter kan inspelen op (toekomstige) fluctuaties in het werkaanbod.

Voor de overschrijding is voldoende dekking aanwezig vanuit programmabudgetten, inkomsten en de onderbesteding op loonkosten.

Evenals voorgaande jaren maakt de categorie uitzendkrachten met in totaal 75% verreweg het grootste deel van de externe inhuur uit. De daaropvolgende grootste posten liggen op het vlak van ICT (10%) en Accountancy, financiën en AO (5%).

Voor de uitbestede werkzaamheden[1] was voor 2015 € 142 mln (stand 10-maandsbrief 2015) begroot. De realisatie ligt op € 128 mln.

[1] Het verschil met de definitie van externe inhuur is dat bij uitbestede werkzaamheden de opdrachtgever niet stuurt op de wijze waarop het product/dienst tot stand komt. Bij uitbestede werkzaamheden wordt een opdracht geplaatst, incl. resultaatafspraken, zonder dat er door de opdrachtgever op de inzet van specifieke capaciteit wordt gestuurd.