Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

Nominaal bedrag

Voorziening onin-
baarheid

1-1-2015

31-12-2015

Vorderingen op openbare lichamen

157.418

133.770

133.770

Rekening-courant verhoudingen met niet-financiële instellingen

9.827

9.067

9.067

Overige vorderingen

184.300

328.374

-142.944

185.430

Totaal uitzettingen

351.545

471.211

-142.944

328.267

Vorderingen op openbare lichamen
De vorderingen op openbare lichamen bestaan voor € 115 mln uit een vorderingen op het Ministerie van Financiën in het kader van het Btw compensatiefonds.
Het resterende bedrag van € 19 mln heeft vooral betrekking op ministeries, provincies, gemeenten en waterschappen.

Rekening-courant verhoudingen met niet-financiële instellingen
De post rekening-courant verhoudingen met niet financiële instellingen heeft vooral betrekking op het NRF (Nationaal Restauratiefonds) en het SVN (Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten).

Overige vorderingen
Onder de balanspost overige vorderingen is een grote verscheidenheid aan vorderingen opgenomen, waarvan onderstaand de grootste posten zijn:

1-1-2015

31-12-2015

Bijstandsvorderingen

56.589

53.799

Belastingaanslagen

64.920

45.788

Huren en exploitatiekosten

11.375

10.483

Erfpachten

10.558

8.675

Parkeerboetes

8.489

7.880

Bedrijfsreinigingsrecht

5.981

5.893

Overige vorderingen kleiner dan € 5 mln

26.388

52.912

Totaal

184.300

185.430

Bijstandsvorderingen

De uitstaande bijstandsvorderingen bedragen in totaal € 147,2 mln. Van dit bedrag is € 93,4 mln als oninbaar voorzien. Ter bepaling van de voorziening dubieuze debiteuren inzake vorderingen op bijstandsgerechtigden wordt de volgende methodiek gehanteerd. Vorderingen zijn per jaar gerubriceerd. Voor vorderingen die in enig jaar zijn ontstaan is o.b.v. de gerealiseerde ontvangsten een logaritmische berekening gemaakt naar de te verwachten ontvangsten over een termijn van tien jaar. Voor oudere vorderingen is een realistische inschatting gemaakt o.b.v. het historisch verloop. Bij vorderingen uit een recenter jaar kan minder worden gesteund op historische gegevens.

Belastingaanslagen

Opgelegde gemeentelijke belastingaanslagen van € 70 mln, verminderd met de voorziening die is gevormd van € 24,2 mln voor oninbaarheid. De voorziening voor oninbaarheid inzake gemeentebelastingen wordt gevormd op basis van analyse van de openstaande vorderingen en beoordeling van historische cijfers omtrent de ontwikkeling van oninbaarheid, ouderdom en betaalgedrag voor de verschillende producten en belastingjaren. Het doel is om de voorziening op het niveau te handhaven dat nodig wordt geacht op basis van de verrichte analyses.

Gebeurtenis na balansdatum

In 2016 is binnen de groep van een belastingdebiteur een faillissement opgetreden. Het is nog niet in te schatten of de openstaande belastingvordering van deze belastingdebiteur hierdoor kan worden voldaan. Het hiermee samenhangende risico ligt tussen € 0 en € 4,9 miljoen.

Gebeurtenis na balansdatum

In 2016 is een belastingplichtige failliet gegaan. Het is nog niet in te schatten of openstaande belastingvordering zal worden voldaan. Het hiermee samenhangende risico ligt tussen € 0 en € 4,9 mln.

Huren en exploitatiekosten

Binnen de gemeente Rotterdam zijn vastgoedobjecten in beheer die verhuurd worden aan diverse partijen.

Erfpachten
De gemeente Rotterdam is, zoals uit de materiële vaste activa blijkt, eigenaar van diverse stukken grond. Op het moment dat deze grond gebruikt wordt door externe partijen wordt hier erfpacht over geheven. Jaarlijks wordt er een aanslag erfpacht opgelegd.

Parkeerboetes
Het betreft de opgelegde parkeerboetes door de gemeente Rotterdam aan de kentekenhouders.

Bedrijfsreinigingsrecht

Als een onderneming gebruik maakt van de vuilophaaldienst van de gemeente, dan heft de gemeente hierover bedrijfsreinigingsrecht via een aanslag.

Overige vorderingen kleiner dan € 5 mln

Van dit bedrag heeft € 12,2 mln betrekking op presentatiewijzigingen in verband met vorderingen op crediteuren.
De overige vorderingen zijn niet toe te rekenen aan een specifieke soort vordering, maar wel te categoriseren naar producten. De belangrijkste producten hebben een aandeel van € 36,2 mln in dit saldo. Dat zijn Grondzaken (€ 8,1 mln), Vergunningen en toezicht (€ 7 mln), Duurzame mobiliteit (€ 5,8 mln), Wegen en openbare verlichting (€ 6,8 mln) Werk (€ 5,6 mln) en Afvalinzameling (€ 2,9 mln).

Voorziening oninbaarheid
De voorziening oninbaarheid is getroffen op basis van de vastgestelde kaders inzake dubieuze debiteuren.