Beleid

Doelen, Context en Ontwikkeling

De aanpak van Werk en Inkomen is erop gericht om de economische zelfstandigheid van Rotterdamse werkzoekenden te vergroten, met regulier werk als lonkend perspectief. Dat gebeurt met een aanpak waarbij de eigen verantwoordelijkheid van de werkzoekende en de vraag van werkgevers centraal staat. De inzet is erop gericht om zoveel mogelijk werkzoekenden aan een baan te helpen. Een voltijd- of deeltijdbaan, en als dat niet lukt, vraagt de gemeente werkzoekenden een tegenprestatie te leveren. De arbeidsmarkt is steeds flexibeler en iedere (werk)ervaring telt.

Participatiewet
Per 1 januari 2015 werd de Participatiewet van kracht. Deze wet stimuleert mensen met een arbeidsbeperking om aan de slag te gaan bij een reguliere werkgever, in zogenoemde garantiebanen. De aanpak voor Rotterdammers met een arbeidsbeperking is, net als die voor de sociale werkvoorziening, geïntegreerd in de reguliere aanpak van Werk en Inkomen.
Voor de arbeidsmarktregio is in 2015 de driejarige rijkstaakstelling voor zowel het aantal beschikbare vacatures voor garantiebanen als het aantal plaatsingen op garantiebanen gesteld op 600. Er zijn regionaal 652 beschikbare vacatures en 622 plaatsingen op garantiebanen gerealiseerd. In Rotterdam zijn 394 personen op een garantiebaan geplaatst.
Voor de invoering van de Participatiewet is een Participatieverordening opgesteld met algemeen beleid voor de dienstverlening aan de nieuwe doelgroep met een arbeidsbeperking. De verordeningen Sociale Werkvoorziening en Cliëntparticipatie zijn aangepast. Voor de uitvoering van de wetgeving zijn beleidsregels opgesteld met een nadere uitwerking van de dienstverlening die de gemeente kan bieden aan de verschillende doelgroepen waarvoor de gemeente verantwoordelijk is.
De gemeente is verantwoordelijk voor het organiseren van ondersteuning, zoals loonkostensubsidie, werkplekaanpassingen, vervoersvoorzieningen en voorlichting. Deze voorzieningen zijn in 2015 nog slechts beperkt ingezet, aangezien voor alle partijen de wet nog nieuw was.
Door de invoering van de Participatiewet en de daarmee samenhangende kostendelersnorm, zijn begin 2015 de dossiers van ruim 15.000 Rotterdamse werkzoekenden opnieuw beoordeeld. Het resultaat hiervan is dat circa 8.000 van hen vanaf juli 2015 een lagere uitkering ontvangen.

Resultaten programma Werk en Inkomen
De resultaten in 2015 op het programma Werk en Inkomen laten een overwegend positief beeld zien.
Het programma Werk en Inkomen blijft met de uitkeringslasten binnen de door het rijk vastgestelde definitieve BUIG budget. Daarnaast ligt de realisatie van de collegetarget ‘uitstroom naar werk’ op koers en is er een verbetering zichtbaar op het gebied van dienstverlening. Zo heeft het wegwerken van de achterstanden in de aanvraag van uitkeringen mede ertoe geleid dat de norm van 90% binnen de wettelijke termijn afgehandelde aanvragen is gehaald en laten de telefonische bereikbaarheid (binnen de norm van 80-95%) en het terugbelgedrag (binnen de norm van 90-100%) een verbetering zien ten opzichte van 2014. Verder is in 2015 gestart met het meten van de klanttevredenheid bij werkgevers en werkzoekenden. Dit geeft een nieuwe impuls aan een verbeterde dienstverlening. Onverminderde aandacht voor dienstverlening blijft noodzakelijk om te zorgen dat de gemeente de normen blijft halen.
De onderbesteding op de apparaatslasten laten deels zien dat er voorzichtig is omgegaan met het inzetten van eigen en ingehuurd personeel en met het overige apparaatsbudget, bijvoorbeeld voor opleiding. Dit laatste had deels te maken met de gefaseerde invoer van nieuwe methodes (WenI-vakschool en Continue Verbeteren). Echter, om de stijgende lijn van bovengenoemde resultaten voort te zetten in 2016 is een tijdige inzet van middelen noodzakelijk.